Publicaties
» Flexwerkers niet altijd flexibel
mr. P.L. Nijmeijer (Paul), 2011, De Ondernemer
De wintermaanden zijn voorbij en het seizoens-en vakantiewerk staat weer voor de deur.Veel ondernemers zetten voor het uitvoeren van dit soort werk,oproepkrachten in, op basis van zogenoemde nul-urencontracten. Dit zijn arbeidsovereenkomsten waarbij de oproepkracht geen (loon-)aanspraak kan maken op een vooraf overeengekomen aantal uren per periode, maar uitsluitend recht heeft op loon over de daadwerkelijk gewerkte uren. Het voordeel hiervan is dat deze oproepkrachten flexibel kunnen worden ingezet.Er zijn echter ook risico's verbonden aan het op deze wijze inzetten van personeel.
Indien deze flexwerkers namelijk minimaal drie maanden bij u in dienst zijn, kunnen zij in beginsel aanspraak maken op het gemiddelde van de uren die zij in deze drie maanden hebben gewerkt. Indien de arbeidsovereenkomst van een flexwerker drie maanden heeft geduurd en deze de eerste maand 80 uur, de tweede maand 40 uur en de derde maand 60 uur heeft gewerkt, kan hij voor de vierde maand aanspraak maken op 60 uur. U kunt zich in dat geval niet eenvoudigweg beroepen op het feit dat er een nul-urencontract is gesloten.
Het doel van deze regeling is dat werknemers niet de dupe mogen worden van een situatie, waarin zij feitelijk structureel meer werken dan in de arbeidsovereenkomst is afgesproken.
Als werkgever heeft u wel de mogelijkheid om te bewijzen dat de (extra) werkzaamheden niet structureel maar incidenteel waren en dat de periode waarop de werknemer zich beroept dus niet representatief is. Hiervan is bijvoorbeeld sprake bij echte seizoensarbeid en topdrukte gedurende een beperkte periode.
» Terug naar overzichtMEESTERLIJKE OPLOSSINGEN



