Publicaties
» Loonsanctie... Wat nu?
mr. C.A.F. Haans (Caroline), oktober 2010, De Ondernemer
Uw werknemer is langdurig arbeidsongeschikt. De werkgever is dan gehouden gedurende 104 weken het loon door te betalen. Werkgevers en werknemers zijn verplicht alles op alles te zetten om re-integratie te laten slagen en de werknemer zo spoedig mogelijk het werk te laten hervatten, al dan niet in de eigen functie.
Indien het UWV van mening is dat de werkgever tekort geschoten is in zijn reintegratie-inspanningen, verlengt het UWV de loondoorbetalingsverplichting met in beginsel 52 weken, de zogenaamde "loonsanctie". Wat nu?
Als werkgever bent u eindverantwoordelijk voor de re-integratie van uw werknemer. Dat is een lastige positie, te meer daar er bij de re-integratie van de zieke werknemer meer partijen betrokken zijn, ieder vanuit hun eigen deskundigheid. Zo kan inadequaat handelen van de arbodienst, zoals puur volgend in plaats van sturend optreden, ertoe leiden dat noodzakelijke acties niet of soms veel te laat worden ingezet, met een loonsanctie tot gevolg. Nog moeilijker wordt het als de werknemer een eigen visie heeft over zijn werkhervatting, waardoor hij onvoldoende meewerkt aan zijn re-integratie.
Belangrijk is dat de werkgever zo spoedig mogelijk de door het UWW gesignaleerde tekortkomingen herstelt en dit ook meldt aan het UWV. Dat is vaak de snelste weg om de loonsanctie te beperken. Daarnaast is het raadzaam om bezwaar te maken tegen de opgelegde loonsanctie. Niet alleen omdat de jurisprudentie nog niet eenduidig is, maar ook omdat als de bestuursrechter het UWV besluit tot het opleggen van de loonsanctie als onrechtmatig beoordeelt, het UWW de schade aan de werkgever dient te vergoeden.
» Terug naar overzichtMEESTERLIJKE OPLOSSINGEN



